Voorlopig zullen jullie mij hier niet meer tegen komen, ik neem afstand om mezelf na dit zeer heftige jaar weer bij elkaar te vegen.
Allemaal heel veel succes waar jullie mee bezich zijn.
alieDe drie strohalmen.
Ken je dat gevoel dat je er alles voor over hebt om dat ene te bereiken waar je het meest naar verlangt? Dat je bereidt bent om tot het uiterste te gaan, om de sprong te wagen die leidt tot jouw geluk? Maar dat dan blijkt dat de kans dat je de overkant gaat halen heel klein is? Niet omdat je niet kan springen, maar omdat de overkant een heel stuk verder blijkt te zijn? Maar je springt toch om jouw doel, jouw geluk te halen en dan …voel je de kou, de kilte van het onbegrip, je ligt in de sloot die nu een rivier blijkt te zijn met zijn vele grilligheden. Maar er is nog hoop, hoop op het bereiken van de overkant en het behalen van hetgeen waar jij het meeste naar verlangt, je hangt namelijk aan drie strohalmen.
Ze zijn niet dik, maar taai genoeg om je te houden, zodat je om hulp kan roepen of je op kan trekken als die rivier nu eens wat rustiger werd. Maar hij blijft grillig, een gemene stroom vol emoties, verdriet en vragen. Want waarom? Waarom haalde je de overkant niet? Als je nu eens…., maar er is niemand die je echt hoort en samen met je strohalm ga je vechten. Vechten tegen de stroom, tegen het verdriet en de vooroordelen. Want je ligt daar toch omdat je dat zelf wilde en je hebt toch hulp van je stevige en rekbare strootje? Wat maakt het dan uit dat het strootje scherp is en in je vingers snijdt? En dan terwijl je ligt te vechten en te hopen dan is daar die golf. De rivier laat zien waar het toe in staat is en het water gutst over je heen. Je weet niet wat je voelt, maar de kou het versteend je en je wilt alleen maar weer boven komen en zijn zoals je was voor de sprong. Je huilt, maar je tranen gaan samen in de rivier waar niemand ze ziet. Je roept om hulp, maar niemand hoort je en je voelt je eenzaam en onbegrepen.
Dan zie je een schim, verderop in het water. De schim vecht net als jij en haar tranen komen samen met jou tranen en haar geroep vormt een vage echo met het jouwe. Je kan elkaar niet echt helpen, maar de aanwezigheid van die schim geeft je wel nieuwe kracht. Je houdt je krampachtig vast aan je twee overgebleven strootjes. Het derde strootjes is namelijk in de golf geknapt, zijn taaie vezels hielden het niet en verspilde je kansen, terwijl het een blijvend litteken kerfde in je ziel. Die schim verderop is je lotgenote die ook de overkant probeert te bereiken en tot het uiterste wil gaan. Maar dan een brul die zelf in de kille stroom van de rivier te horen is en die je doet verstenen tot op je bot. De schim is zijn laatste strootje verloren en zal de overkant niet halen. Ze wordt meegesleurd door de stroming samen met haar geluk, haar verlangen en haar hoop…Maar jij bent de schim niet en je hebt je strootjes nog en je probeert weer omhoog te klimmen, terwijl het tweede strootje in je handen snijdt en de pijn en de herinneringen van het eerste doet overtreffen.
Ik lig daar, maar jullie zien me niet en lopen vrolijk aan de oevers. Op de ene oever de mensen die bezig zijn met hun drukke leven, hun verlangen nog vormend tot ze klaar zijn voor de sprong. Op de andere oever, zo dichtbij en zo onbereikbaar, de mensen die de sprong haalden en nu het verlangen proeven en ervaren van het ouderschap. Beide oevers zijn zich niet of nauwelijks bewust van de grilligheden zo dichtbij, van de angst en de pijn. En ergens verderop met de stroom meevoerend is daar die schim op weg naar de verloren ouders. Die ouders die het verlangen wilden beleven, maar het niet mochten. Ik wil daar niet heen, niet nu, niet zo jong, ik wil niet naar de oorden van ongewenste kinderlozen, dus ik blijf vechten met mijn drie strohalmen die IVF heten.
Bij sommigen onder ons blijft het vechten met meer dan 3 strohalmen, die soms ook ICSI of anders heten.....
_________________


Door


